Meter.html

 
ca de en es fr it nl no pl pt ru ro fi sv tr vo


 

:wikt:meter
Dit artikel gaat over een lengtemaat. Voor de vrouwelijke getuige bij een doop: zie peterschap. Voor meetapparatuur: zie Meetgereedschap.

De meter (symbool m) is de SI-eenheid voor lengte. Hij is sinds 1983 gedefinieerd als de afstand die licht in 1/299.792.458 seconde in vacuüm aflegt. De meter is een van de zeven SI-basiseenheden.

Inhoud

bewerk De definitie van de meter is enkele keren veranderd

bewerk 1791

De meter werd in 1791 gedefinieerd door de Franse Academie van Wetenschappen als het tienmiljoenste deel van de afstand rond het aardoppervlak, vanaf de noordpool tot aan de evenaar, langs de meridiaan van Parijs. Jean-Baptiste Joseph Delambre en Pierre Méchain voerden metingen uit. Zolang de metingen nog niet gereed waren werd er een voorlopig prototype gebruikt als standaard.

bewerk 1799

Nadat in 1798 de meridiaanmeting voltooid was werd in 1799 een nieuwe standaard vastgelegd, nu volgens de zojuist bepaalde meridiaanlengte. Deze "mètre des Archives" is gemaakt van platina. Toen deze later 0,2 mm te kort bleek te zijn vanwege een rekenfout in de afplatting van de aarde werd de standaard niet gewijzigd.

bewerk 1889

Internationaal prototype van de meter, een staaf van platina-iridium. Het was de standaard tot 1960. (NIST)

In 1875 richtte de internationale Metervergadering (Convention du Mètre) een permanent Internationaal Bureau voor Maten en Gewichten (Bureau International des Poids et Mesures) op in Sèvres. Een nieuwe standaardmeter werd vervaardigd. Op de eerste CGPM (Conférence Générale des Poids et Mesures) (Algemene conferentie voor gewichten en maten) werd in 1889 de meter gedefinieerd als de afstand tussen twee inkepingen op een staaf van 90% platina en 10% iridium, de zogenaamde X-meter, die in Sèvres wordt bewaard. De opzet was een scherper gedefinieerde meter te verkrijgen; de lengte bleef ongewijzigd.

Grotere en kleinere eenheden
Veel-
voud
Naam Sym-
bool
  Veel-
voud
Naam Sym-
bool
100 meter m      
101 decameter dam 101 decimeter dm
102 hectometer hm 102 centimeter cm
103 kilometer km 103 millimeter mm
106 megameter Mm 106 micrometer µm
109 gigameter Gm 109 nanometer nm
1012 terameter Tm 1012 picometer pm
1015 petameter Pm 1015 femtometer fm
1018 exameter Em 1018 attometer am
1021 zettameter Zm 1021 zeptometer zm
1024 yottameter Ym 1024 yoctometer ym

bewerk 1960

Men bleef zoeken naar middelen die een scherpere definitie mogelijk maken. De oplossing is enige tijd geleden gevonden in de golflengte van een bepaalde stralingsbron, waarbij gebruik wordt gemaakt van het zogenaamde interferometrische principe. Na diverse stralingsbronnen te hebben onderzocht, kwam men in 1960 tot de volgende definitie: de meter is de lengte gelijk aan 1.650.763,73 golflengten in vacuüm van de straling overeenkomend met de ongestoorde overgang tussen de toestanden 2p10 en 5d5 van het atoom krypton-86.

bewerk 1983

In 1983 is de CGPM op de huidige definitie met de lichtmeting overgegaan. De reden hiervoor lag in het feit, dat tijdmeting toen veel nauwkeuriger mogelijk was geworden door het gebruik van atoomklokken. Een voordeel is nu dat de meter in elk natuurkundig laboratorium kan worden gereproduceerd.

Met de huidige definitie is tevens de waarde van de lichtsnelheid vastgelegd op de op dat moment nauwkeurigst gemeten waarde. Sedert dat moment beïnvloeden metingen van de lichtsnelheid de grootte van de meter. De lichtsnelheid in vacuüm is altijd precies 299.792.458 m/s.

In het laboratorium wordt de meter toch bepaald door het tellen van het aantal golflengtes. Een gevolg van de 17e CGPM was dat de onzekerheid (de fout) in de meter vijf maal zo klein werd. Het licht van de met jodium gestabiliseerde Helium-neonlaser werd de "aanbevolen straling" om de meter te vinden. De golflengte van dit laserlicht wordt nu aanvaard als λHeNe = 632,99139822 nm met een relatieve standaard onzekerheid van (U) of 2.5 × 10–11.[1] Deze onzekerheid is nu de beperkende factor bij het realiseren van de meter in het laboratorium omdat het verscheidene ordes van grootte slechter is dan die van de seconde (U = 5 × 10–16).[2] Daarom wordt in de praktijk in laboratoria de meter gezien als 1.579.800,298728(39) golflengtes van helium-neon laser licht in vacuüm.

bewerk Zie ook

bewerk Afgeleide maten

Referenties:
  1. Zie Tijdlijn voor de bepaling van de meter (Penzes, 2005), uitgegeven door het NIST; en deze artikelen in de BIPM database, vooral Optical Frequency - Maintaining the SI Metre (National Research Council of Canada, 2008)
  2. NIST: NIST-F1 Cesium Fountain Atomic Clock.
All Right Reserved © 2007, Designed by Stylish Blog.